Jacob Nordangård: van de omnicrisis naar een wereldregering
Klimaatalarmisme maakt deel uit van een veel grotere agenda die wordt gedreven door de Verenigde Naties, zegt de Zweedse wetenschapper, auteur en muzikant Jacob Nordangård. Wat is het echte plan achter dit alles? Het Zwitserse nieuwsplatform Transition News sprak met Nordangård.

Jacob Nordangård was een van de sprekers op het Jubileumcongres van Clintel in 2024.
Bron: MK Fotografie/Clintel.org
Sophia-Maria Antonulas/Transition News
Datum: 19 mei 2026
Transition News: Sommigen geloven dat de recente crises en het winstbejag dat daarmee gepaard gaat puur toeval zijn, en dat het kapitalisme nu eenmaal zo werkt: het ene leidt tot het andere, zonder dat iemand een wereldregering nastreeft. In uw boek The Digital World Brain, dat onlangs in een geactualiseerde en uitgebreide Duitse en Engelse editie is verschenen, laat u echter zien dat bepaalde actoren wel degelijk een specifiek plan volgen, met de Verenigde Naties als centraal middelpunt. Op welke bronnen baseert u uw onderzoek?
Jacob Nordangård: Ik maak gebruik van originele bronnen van de Verenigde Naties en van alle organisaties die hebben meegewerkt aan het VN-pact Pact for the Future. Mijn onderzoek is dus in de eerste plaats gebaseerd op verklaringen van deze instellingen zelf. Daarnaast raadpleeg ik andere bronnen, zoals het World Economic Forum (WEF), dat een partnerschap is aangegaan met de Verenigde Naties.
Sinds wanneer bestaat dit partnerschap tussen de Verenigde Naties en het World Economic Forum?
De officiële ondertekening van de overeenkomst vond plaats in juni 2019, in aanwezigheid van voormalig WEF-topman Klaus Schwab, toenmalig WEF-president Børge Brende, VN-secretaris-generaal António Guterres en VN-vice-secretaris-generaal Amina Mohammed. De VN en het WEF werkten echter al vóór die tijd samen. Mohammed maakte bijvoorbeeld deel uit van het bestuur van het programma Young Global Leaders. Dat betekent dat de Verenigde Naties en het WEF al ongeveer tien jaar nauw met elkaar verbonden waren voordat het partnerschap officieel werd bekrachtigd.
Hebben de ontwikkelingen rond Jeffrey Epstein invloed gehad op uw werk?
Toen ik de Zweedse editie van dit boek schreef, richtte ik mij vooral op de VN-agenda Our Common Agenda. Pas na de publicatie van de Epstein-files besefte ik hoe nauw Jeffrey Epstein verbonden was met enkele sleutelfiguren achter deze VN-agenda, zoals Børge Brende. Een deel van die informatie heb ik verwerkt in de Engelse en Duitse versie van mijn boek.
De inhoud van de Epstein-files bevestigt in wezen mijn eerdere bevindingen, waarover ik al schreef in eerdere boeken, waaronder “Rockefeller – Controlling the Game” en “The Global Coup-Etat”. In die boeken beschrijf ik deze actoren en netwerken.
Jeffrey Epstein was lid van de Trilateral Commission, die in 1973 werd opgericht door David Rockefeller. Rockefeller haalde Epstein binnen bij deze groep en ook bij de Council on Foreign Relations, een andere invloedrijke denktank die in belangrijke mate richting geeft aan het Amerikaanse buitenlandse beleid.
Wat was de rol van Jeffrey Epstein?
In zijn laatste interview met Steve Bannon in het voorjaar van 2019 vertelt hij hoe David Rockefeller hem uitnodigde om lid te worden van de Trilateral Commission toen hij begin dertig was, vooral vanwege zijn financiële expertise. Tegelijkertijd bevestigt hij dat hij over goede contacten en een sterk netwerk beschikte. Hij bezat verschillende vaardigheden die van nut waren voor de Trilateral Commission.
Momenteel ligt de nadruk vooral op sekshandel en de minderjarigen die daarbij betrokken waren. Maar Jeffrey Epstein speelde ook een belangrijke rol als verbinder tussen invloedrijke personen. Zo raakte hij bevriend met Børge Brende, de voormalige president van het World Economic Forum, en spraken zij over de vraag hoe het WEF de rol van de Verenigde Naties zou kunnen overnemen. Epstein was daarmee een sleutelfiguur binnen deze invloedrijke netwerken.
In een recent artikel schrijft u dat we ons midden in de ineenstorting van de oude orde bevinden. Wat is die “oude orde”?
De oude orde ontstond na de Tweede Wereldoorlog met de Bretton Woods-instellingen — de Wereldbank en het Internationaal Monetair Fonds — de oprichting van de Verenigde Naties en de Verenigde Staten als dominante supermacht. Daarna volgde de Koude Oorlog. Het tweede deel van deze periode noem ik de “hete oorlog”, omdat klimaatverandering toen werd gepresenteerd als een van de grootste mondiale problemen. De periode na de Koude Oorlog wordt gedomineerd door de Verenigde Staten en is daarom een unilateraal systeem.
Wat er nu gebeurt, is het volgende: deze oude orde brokkelt af. De rol van de Verenigde Staten zal veranderen en als gevolg daarvan zal ook de VN als wereldorganisatie veranderen. Dit markeert het einde van het petrodollar-systeem en van de verworvenheden van het Amerikaanse imperium. Het VN-pact “Pact for the Future” maakt deel uit van deze naderende ontwikkeling.
Voordat we dieper ingaan op het VN-pact “Pact for the Future”: de Engelse titel van uw boek luidt “The Digital World Brain”. Van wie komt het idee van een wereldbrein?
Ik ontleende de titel aan H. G. Wells, de sciencefiction- en politiek schrijver. Hij maakte deel uit van de Fabian Society en was sterk geïnteresseerd in utopische ideeën over een nieuw wereldsysteem. In zijn boek “World Brain” beschrijft hij een nieuw systeem met een wereldregering die de mondiale informatiestroom controleert en wetenschap gebruikt om een utopie te creëren. De wetenschap bepaalt wat er gebeurt en wat de mensheid geacht wordt te geloven — gebaseerd op wetenschappelijke inzichten die door een selecte groep worden gecontroleerd. Het gaat dus om een wetenschappelijke dictatuur. Deze tekst dateert uit de jaren dertig, maar het onderliggende idee is ouder en is sindsdien vele malen opnieuw opgepakt.
Het moderne concept van een wetenschappelijke dictatuur vindt zijn oorsprong bij H. G. Wells. Maar ook Julian Huxley, een vriend van Wells, en de jezuïet Pierre Teilhard de Chardin hingen vergelijkbare ideeën aan over technologische verandering en een technologische samenleving — een soort techno-utopie.
In “The Digital World Brain” analyseert u de twaalf voorstellen van de Verenigde Naties die zijn opgenomen in “Our Common Agenda”. Deze agenda werd in 2021 gepubliceerd om toezeggingen vast te leggen voor de uitvoering van de 17 Sustainable Development Goals (SDG’s). Die toezeggingen omvatten onder meer: niemand uitsluiten, vertrouwen opbouwen en luisteren naar jongeren. Dat klinkt allemaal redelijk. Wat heeft dit te maken met een wetenschappelijke dictatuur of een techno-utopie?
Dergelijke plannen worden altijd verpakt in fraaie bewoordingen. Maar we moeten kijken naar de plannen achter die zorgvuldig gekozen woorden. Neem de slogan “Leave no one behind” (Sluit niemand uit) en kijk naar wat de VN-agenda’s “Our Common Agenda” en “Pact for the Future” daadwerkelijk beogen: het gaat om de digitalisering van vrijwel alles op deze planeet — alles wat geregistreerd en gecontroleerd kan worden.
Het is een perfect geordend en gecontroleerd systeem. Niemand mag buiten de boot vallen, omdat iedereen onderdeel moet zijn van het systeem. Voor de zekerheid wordt iedereen gemonitord.
En wanneer “men” zegt naar mensen te willen luisteren, zoals in “onze gedeelde agenda”, gaat het erom te weten te komen wat mensen doen en denken — niet om burgers werkelijk inspraak te geven. “Wij” hebben een visie en een pact voor de toekomst. En omdat “onze” plannen moeten worden uitgevoerd, willen “wij” weten hoe mensen daarop reageren.
Jacob Nordangård op het Clintel Congres in 2024. Bron: MK Fotografie/Clintel.org
Pseudowetenschap als religie
Maar alles is gebaseerd op “hun” wetenschap. Ik beschouw dit als pseudowetenschap. Het is geen echte wetenschap, maar een politieke visie die als wetenschap wordt verkocht. Ik heb jarenlang lesgegeven en onderzoek gedaan aan de universiteit — wetenschap betekent alles ter discussie stellen om voortdurend tot verbetering te komen. Maar hier wordt “wetenschap”, die grotendeels gebaseerd is op modelberekeningen en computersimulaties, ingezet als een soort religie: als mensen “ons” pad volgen, leidt dat naar het paradijs; zo niet, dan naar de hel. “Wij” moeten mensen er daarom van overtuigen het pad te kiezen dat “wij” bij de Verenigde Naties uitstippelen. “Wij” hebben één groot doel.
“Our Common Agenda” en “The Pact for the Future” zijn gebaseerd op gedragssturing en gedragswetenschap. Dat behaviorisme wordt gebruikt om mensen in de gewenste richting te sturen. Dat komt overeen met totalitair denken. Het is geen bijzonder empathische manier om met mensen om te gaan, maar reduceert hen tot objecten die geprogrammeerd kunnen worden om beter te passen binnen de visies van degenen achter deze plannen.
En wanneer men zegt: “We willen naar jongeren luisteren en met hen samenwerken”, betekent dat in feite dat jongeren in een bepaalde richting gestuurd moeten worden.
Jongeren kunnen hun mening niet zomaar vrijuit geven. Hun wordt gevraagd: “Wat vind je van het klimaatbeleid? Moet het strenger of soepeler?” “Ik geloof er niet in”, is geen aanvaardbaar antwoord. Aan deze “feiten” mag niet worden getwijfeld. Vragenlijsten en focusgroepen dienen er alleen toe om reeds genomen maatregelen te rechtvaardigen.
Waarom ligt er zoveel nadruk op het jaar 2030?
Omdat die vijftienjarenplannen bestaan. Vanaf 2000 was er eerst een soort proefproject met de Millenniumdoelstellingen tot 2015 — weinig mensen hebben daarvan gehoord of herinneren het zich nog — en die doelstellingen werden niet gehaald. Maar dit keer heeft het jaar 2030 een enorme betekenis gekregen en wordt het sinds 2015 voor propagandadoeleinden gebruikt. Tegelijk vermoed ik dat de Verenigde Naties er niet in zullen slagen de Sustainable Development Goals tegen 2030 daadwerkelijk te realiseren zoals die aan het publiek worden gepresenteerd.
Daarom zullen er nieuwe doelstellingen komen voor 2045 — een cruciale mijlpaal. In toekomstscenario’s wordt dit project omschreven als “The Great Transition”, met als doel om tegen het honderdjarig bestaan van de Verenigde Naties een wereldregering tot stand te brengen. De periode daarnaartoe geldt als een overgangsfase en we bevinden ons momenteel in de eerste fase van die transformatie. Het jaar 2030 is daarbij simpelweg een sleutelmoment op weg naar dat doel.
Cyberbiologische systemen
En hoe draagt kunstmatige intelligentie (AI) bij aan de totstandkoming van die wereldregering?
Ik denk dat de elites van deze wereld AI zien als een perfect systeem, omdat zij voorheen afhankelijk waren van mensen om hun opdrachten uit te voeren — en daarom kunnen totalitaire systemen op de lange termijn nooit standhouden.
Als zij in plaats daarvan dit door AI aangestuurde systeem gebruiken, staat niemand de elites nog in de weg: niemand kan het van binnenuit vernietigen. Zij kunnen regels en voorschriften vaststellen en het autonome AI-systeem — het controlesysteem van de wereld — vertellen wat zij willen bereiken, waarna dat simpelweg wordt uitgevoerd.
Waar komt het idee vandaan dat de mensheid zou kunnen samensmelten met machines en het financiële systeem?
Ook dit is een oud idee en nauw verbonden met het transhumanisme. Eugenetica, met haar streven om de mensheid te veranderen en te verbeteren, maakt daar deel van uit. Het transhumanisme heeft dit naar een nieuw niveau getild door technologie te gebruiken om ons te veranderen, ons in het systeem te integreren en ons te digitaliseren.
Deze ontwikkeling begon aan het begin van het computertijdperk, vooral vanaf de jaren negentig. Zoals velen beschouwde ik het destijds simpelweg als wensdenken van een paar technologie-enthousiastelingen. Maar inmiddels is het overal doorgedrongen en vormt het de basis van de Vierde Industriële Revolutie. Deze transhumanistische ideeën vonden vooral vruchtbare bodem binnen het World Economic Forum.
En in 2019 gingen de Verenigde Naties en het World Economic Forum juist dit partnerschap aan, waardoor het WEF de VN kan ondersteunen bij de uitvoering van de Agenda 2030. Dat gebeurt met behulp van de technologieën van de Vierde Industriële Revolutie — meer specifiek: cyberbiologische systemen. In dat proces versmelten mensen, machines en het financiële systeem met elkaar. Dat is een cruciaal aspect, omdat het leidt tot een volledige transformatie van het oude systeem dat op zijn einde loopt. We zullen onszelf daardoor integreren in het financiële systeem.
Hoe ver is dit project — het cyberbiologische systeem — inmiddels gevorderd? Liggen de elites op schema?
We hoeven slechts drie decennia terug te kijken om te zien hoeveel er al is bereikt — mensen passen zich verrassend makkelijk aan. Hier in Zweden wordt vrijwel geen contant geld meer gebruikt. Dertig jaar geleden betaalde iedereen nog cash; pinbetalingen waren uitzonderlijk. De zogenoemde pandemie, maar ook oorlogen, worden gebruikt om systemen vrijwel ongemerkt te veranderen, omdat mensen met andere zaken bezig zijn.
Ook lokaal worden oorlogen uitgevochten, zoals hier in Zweden, in mijn woonplaats: we hebben te maken met bomaanslagen, schietpartijen en criminaliteit. Tegelijkertijd wordt deze agenda doorgevoerd: sinds twee jaar zijn bewakingscamera’s toegestaan in de openbare ruimte, en inmiddels hangen ze overal.
Van het WEF naar een VN 2.0
Screenshot van de VN-website ‘Pact for the Future’
Hoe is het VN-pact “Pact for the Future”, dat een zeer belangrijke mijlpaal lijkt te zijn, tot stand gekomen?
In 2020 namen de lidstaten van de Verenigde Naties een resolutie aan waarin secretaris-generaal António Guterres werd gevraagd een document op te stellen rond de volgende vraag: hoe kunnen we een betere en effectievere VN creëren die in staat is te reageren op crises zoals een pandemie?
Vervolgens vonden onderhandelingen plaats en werden elf strategiedocumenten gepubliceerd. Delen daarvan werden opgenomen en aangevuld in “Our Common Agenda”. Deze agenda is vrij beknopt en beschrijft vooral de gewenste doelstellingen. Daarnaast verschenen zogenoemde beleidsnota’s die veel uitgebreider zijn, alle onderwerpen gedetailleerd behandelen en concrete voorstellen uitwerken om die doelstellingen te realiseren.
De lidstaten kwamen vervolgens bijeen om deze aanbevelingen te bespreken en zo een document te ontwikkelen dat zou dienen als “Pact for the Future”. Er waren dus drie opeenvolgende fasen. Alle staten moesten vooraf instemmen met het VN-pact “Pact for the Future” om de uitvoering ervan efficiënter te laten verlopen.
Hebben in 2024 alle landen ingestemd met het “Pact for the Future” en een VN 2.0? En zo ja, welk doel dient dan het multipolaire narratief?
Zoals gezegd werd het pact goedgekeurd door alle lidstaten en aangenomen door zowel de Verenigde Naties als de lidstaten zelf. Rusland heeft verklaard niet alle onderdelen te zullen uitvoeren. In mijn boek leg ik uit dat Rusland van plan is vooral die onderdelen te volgen die het zinvol acht, met name de digitaliseringsagenda.
Wat multipolariteit betreft: ik zie de wereld momenteel in een vergelijkbare situatie als na de Tweede Wereldoorlog, toen Groot-Brittannië zijn macht verloor en het Britse Rijk na de Suezcrisis geleidelijk uiteenviel. Iets soortgelijks gebeurt nu opnieuw. De Verenigde Staten kunnen niet langer hetzelfde doen of bereiken als voorheen, en bovendien is het kostbaar — zo eindigt een imperium meestal: het geld raakt op, de middelen raken uitgeput en het levert niet langer voldoende op.
Er wordt nu gewerkt aan een multipolair systeem met regio’s. Een organisatie genaamd het Stimson Center was nauw betrokken bij het opstellen van de aanbevelingen voor het VN-pact “Pact for the Future” en benadrukt herhaaldelijk deze toekomstige wereldorde met regio’s.
De geostrateeg Zbigniew Brzezinski richtte samen met David Rockefeller de Trilateral Commission op en was enige tijd nationaal veiligheidsadviseur van Jimmy Carter. In zijn boek “The Grand Chessboard” werkte hij voorstellen uit voor de manier waarop het Amerikaanse imperium zou moeten functioneren. Zijn doel was een nieuwe wereldorde voor te bereiden en vorm te geven waarin de Verenigde Staten niet langer de dominante macht zouden zijn, maar de VN die rol zouden overnemen: de regio’s van de wereld zouden samenwerken onder de paraplu van de Verenigde Naties — een gemoderniseerde en effectieve organisatie die op mondiale schaal efficiënt kan opereren en niet langer slechts een informeel overlegorgaan is.
Trump en de omnicrisis van de superklasse
Welke functie hebben in deze context crises zoals Covid-19, de energiecrisis en de voedselcrisis — de omnicrisis?
Deze crises fungeren als katalysator. Want in 2024 werd met het VN-pact “Pact for the Future” iets zeer belangrijks niet bereikt: de oprichting van een zogenoemd noodplatform. In plaats daarvan bevinden we ons nu in een permanente crisissituatie, die de wereld laat zien dat we onvoorbereid zijn en niet in staat deze problemen op te lossen.
Ik heb hierover al geschreven in mijn proefschrift, over gebeurtenissen die nodig zijn om nieuwe politieke maatregelen in te voeren en publieke steun te verkrijgen. En de acties van de Amerikaanse president Donald Trump zorgen voor nog meer problemen. Ook hierbij draait het om het verkrijgen van steun voor het nieuwe wereldsysteem, om zo het noodplatform en een VN 2.0 door te drukken. De huidige omnicrisis zal uiteindelijk degenen helpen die deze plannen voor de modernisering van de Verenigde Naties hebben ontwikkeld om de noodzakelijke steun voor de uitvoering ervan te verkrijgen.
Welke rol speelt Donald Trump bij de totstandkoming van de Verenigde Naties 2.0?
Ik noem hem “Wreck-It Trump” omdat hij de oude structuur met de grond gelijkmaakt. Hij vernietigt het bestaande systeem. De Verenigde Naties functioneren niet zoals ze zouden moeten, en hij maakt de weg vrij voor iets nieuws. Trump is daarvoor de perfecte kandidaat. Van het oude systeem zal niets overblijven. En wanneer hij klaar is en zijn tijd voorbij is, kunnen zij dit nieuwe systeem eenvoudig overnemen.
En iedereen zal zeggen: “Eindelijk zegeviert het gezonde verstand. Een nieuw systeem dat de wereld weer veiliger zal maken.”
“Het gaat niet om hervormingen. Het gaat om macht. En om de vraag: wie beslist over ons leven?” Dat is een citaat uit de beschrijving van de Duitse editie van uw boek. Wie zijn die enkelen die het leven van miljarden mensen willen controleren?
Zij behoren tot de zogenoemde superklasse, zoals David Rothkopf hen in zijn boek noemt. Het gaat om oligarchen die de mondiale financiële wereld en de economie controleren. Zij zijn bijvoorbeeld te vinden binnen het World Economic Forum en in filantropische organisaties.
In “Rockefeller – Controlling the Game” schrijf ik over een van deze families en laat ik zien hoe de klimaatagenda is ontstaan en wat erachter schuilgaat.
Hier in Zweden is de familie Wallenberg zeer machtig. Net als de Rockefellers maken zij deel uit van de Bilderberg Group en de Trilateral Commission. Dat zijn uiterst invloedrijke netwerken die de oude orde hebben gevormd en nu controle willen krijgen over de nieuwe.
Zij halen ook mensen uit andere regio’s erbij, zoals miljardairs uit India, Zuid-Afrika, China en Japan. Deze elite lijkt zichzelf te beschouwen als de uitverkorenen. Mensen die het potentieel hebben om succesvol te zijn, de hoogste machtsposities te bereiken en succesvolle bedrijven te leiden, beschouwen zichzelf als verheven boven anderen. Dat is ook terug te zien in de denkwijze en uitspraken van Jeffrey Epstein.
Hoeveel mensen bevinden zich aan de top van de piramide?
De superklasse bestaat wereldwijd uit enkele duizenden mensen. En daarbinnen bestaan uiteraard hiërarchieën. Sommigen staan hoger dan anderen. Maar wie er werkelijk aan de top staat, weet eigenlijk niemand.
Andere spelers
In “Digital World Control” introduceert u ook de sleutelfiguren achter deze agenda, zoals Johan Rockström, die Greta Thunberg adviseerde. Wie is deze man?
Johan Rockström is agronoom. Hij werd door Bert Bolin geselecteerd voor een functie bij het Stockholm Environment Institute. Bolin was op zijn beurt de eerste voorzitter van het Intergovernmental Panel on Climate Change (IPCC), en Rockström volgde hem op. Hij is een sleutelfiguur binnen het klimaatbeleid en staat tegenwoordig aan het hoofd van het Potsdam Institute for Climate Impact Research (PIK) bij Berlijn.
Voorheen stond Johan Rockström aan het hoofd van het Stockholm Resilience Centre. Dit centrum werd opgericht met als doel een systeem van “planetaire grenzen” te ontwikkelen. Dat verklaringsmodel is van cruciaal belang voor het wereldbeeld van de elites en hun controlesysteem. Rockström en zijn netwerk van wetenschappers gebruiken het om te bepalen waartoe wij als mensen op deze planeet überhaupt in staat zouden zijn.
Hij spreekt regelmatig op bijeenkomsten van het World Economic Forum. Daarnaast is hij verbonden aan verschillende uiterst invloedrijke netwerken die niet alleen de rijken en machtigen adviseren, maar ook regeringen wereldwijd. Daaronder valt de Climate Governance Commission (CGC), die al vóór de Summit of the Future in 2024 aanbeval dat de Algemene Vergadering van de Verenigde Naties een klimaatnoodtoestand zou uitroepen, omdat de mensheid de planetaire grenzen overschrijdt — en daarvan zouden er negen zijn.
Het noodplatform is bedoeld als instrument om de plannen van de superklasse wereldwijd door te voeren.
Johan Rockström behoort tot de elitegroep van wetenschappers die onze grenzen bepalen en vaststellen hoeveel grondstoffen wij mogen gebruiken of wat wij mogen eten. Hij is ook lid van de organisatie EAT, die pleit voor een transformatie van het mondiale voedselsysteem.
Deze man is zeer invloedrijk, maar hij is slechts één schakel in een veel groter netwerk. Vóór hem stond Hans Joachim Schellnhuber aan het hoofd van het Potsdam Institute for Climate Impact Research (PIK). Hij adviseerde Angela Merkel, de Europese Commissie en zelfs de paus over klimaatvraagstukken. Mensen als Johan Rockström of Schellnhuber houden zich met dit onderwerp bezig tot aan hun pensioen, waarna er een opvolger komt. Zij spelen zonder twijfel een belangrijke rol bij het verwezenlijken van de doelstellingen, maar de werkelijke machthebbers zijn de filantropen — de superrijken.
Jacob Nordangård op de Clintel-conferentie in 2024. Bron: MK Fotografie/Clintel.org
Welke rol speelt Zweden bij de totstandkoming van een wereldregering?
Zweden fungeert in zekere zin als spreekbuis van deze invloedrijke krachten, waaronder de Trilateral Commission, de Council on Foreign Relations en de Bilderberg Group. Mijn thuisland nam die rol al vrij vroeg op zich, in de jaren vijftig, en breidde die later verder uit in het kader van klimaatonderzoek en milieubescherming.
Zweden organiseerde in 1972 de eerste VN-conferentie over het menselijk milieu, en veel sleutelfiguren achter deze agenda komen daar vandaan. Tegelijkertijd fungeren zij min of meer slechts als vertegenwoordigers van deze invloedrijke netwerken. Zoals eerder gezegd heeft de familie Wallenberg in Zweden grotendeels de touwtjes in handen en controleert zij veel grote bedrijven; de familie is nauw verbonden met de superklasse. Zij heeft altijd invloed gehad op de Zweedse regering — ongeacht of de sociaaldemocraten of de conservatieven aan de macht waren.
Volgens futuroloog Graham Molitor worden innovaties bovendien bijzonder snel ingevoerd in Zweden. We lijken nieuwe technologieën simpelweg over te nemen zonder ze kritisch te bevragen, omdat we onszelf als zeer progressief beschouwen.
Aan de andere kant haalt de Groene Partij in Zweden ongeveer zes procent van de stemmen.
Dat maakt niet uit. Want als je beter kijkt naar de klimaat- en milieuagenda, zie je dat het niet om echt groen beleid gaat, maar om een digitale agenda. Het maakt niet uit of een land wordt bestuurd door rechtse of linkse partijen. Als het gaat om deze mondiale agenda, is iedereen het met elkaar eens. De Groenen fungeren vooral als activistische voorhoede.
In mijn proefschrift heb ik onderzocht hoe deze milieuorganisaties worden gefinancierd en georganiseerd door elitaire netwerken om deze activisten en hun acties populair te maken — uiteindelijk draait het om controle over de volledige bevolking, over ieder individu afzonderlijk. Daarom zijn deze oppositiepartijen en bewegingen nodig.
Ik heb zelf ook een verleden bij de Groenen; ik heb dit allemaal van dichtbij meegemaakt. Daarom was het voor mij een behoorlijke schok toen uit mijn onderzoek bleek dat oliebaronnen zoals de Rockefellers achter de milieubeweging zaten. Zij waren betrokken bij het ontwikkelen van precies het soort beleid dat wij als Groenen steunden.
Via Berlijn en Kiev naar technocratie
Welk doel dient de klimaatagenda, als oliemaatschappijen dit narratief juist uitbuiten?
De Rockefellers en hun filantropen bepalen duidelijk wat “wij” willen bereiken. De klimaatagenda ontstond tijdens een bijeenkomst met eugenetici in de jaren vijftig. In 1952 kwamen John D. Rockefeller III en Detlev Bronk, destijds hoofd van de National Academy of Sciences (NAS), bijeen om een plan voor bevolkingscontrole te bespreken. Dat leidde tot de oprichting van de Population Council. Ook Roger Revelle was bij diezelfde bijeenkomst aanwezig.
In de jaren vijftig maakte Roger Revelle van opwarming van de aarde een centraal aandachtspunt en een belangrijk onderzoeksgebied. Hij speelde bovendien een cruciale rol als adviseur van de Amerikaanse president Lyndon B. Johnson in de jaren zestig. In die periode bestond er een project genaamd het Special Studies Project, ondersteund door het Rockefeller Brothers Fund.
Het Rockefeller Brothers Fund werd op zijn beurt geleid door de zonen en kleinzonen van John D. Rockefeller. Het ging onder meer om David Rockefeller, John D. Rockefeller III, Laurance Rockefeller en Winthrop Rockefeller. Deze broers ontvingen geld van Standard Oil — oliegeld dus — en dachten na over de manier waarop zij de wereld wilden veranderen. Zij kwamen tot de conclusie dat wetenschap een geschikt middel was om de samenleving te transformeren, mede dankzij de wetenschappelijke samenwerking tussen landen. Die samenwerking hadden zij zelf opgezet, bijvoorbeeld via de Rockefeller Foundation, door universiteiten over de hele wereld te financieren.
Het uitgangspunt was dat zulke problemen niet door één land alleen kunnen worden opgelost. Ze moeten min of meer worden aangepakt door een internationale instantie. Enerzijds was er dus bevolkingscontrole, en anderzijds het idee van een soort wereldautoriteit die de controle op zich moet nemen. Andere wetenschappelijke vraagstukken betroffen pandemieën en de daarmee samenhangende mondiale gezondheidsproblemen.
Ziekten werden al in de jaren vijftig gezien als een wereldwijd machtsinstrument. Alles gebeurt tamelijk openlijk. Waarom verdiepen zo weinig mensen zich in dit onderwerp?
Het in twijfel trekken van deze zaken heeft een prijs. Nadat ik deze netwerken had blootgelegd, werd het erg moeilijk om mijn baan als universitair docent te behouden.
Toen ik in 2012 mijn proefschrift verdedigde — “Ordo ab Chao: The Political History of Biofuels in the European Union. Actors, Networks and Strategies” — zei mijn opponent meteen aan het begin: “Weet u, mijn instituut heeft zojuist financiering ontvangen van de Rockefeller Foundation.” Ook de voorzitter van de Club of Rome probeerde te voorkomen dat mijn proefschrift überhaupt zou worden geaccepteerd.
Maar wat mij het meest verbaasde, was dit: ik kwam zelf uit de milieubeweging, maar toen ik mijn medeactivisten probeerde te waarschuwen dat deze oliemaatschappijen erbij betrokken waren, werden sommigen echt boos. Hoe meer we spraken over duurzame ontwikkeling, hoe meer auto’s en technologieën werden geïntroduceerd. Niemand wilde dat ter discussie stellen. Zowel universiteiten als milieuorganisaties ontvangen financiering van deze fondsen. Uiteindelijk draait alles om geld.
Maar u bent daarna wel blijven werken als docent?
Ja, eerst enkele jaren aan de Linköping University en daarna aan de Stockholm University. Maar het werd steeds moeilijker. Veel mensen, vooral jonge onderzoekers, ontdekten dat ik het klimaatdogma niet echt onderschrijf. En daardoor word je als minder betrouwbaar gezien. Zo’n “klimaatontkenner” willen we niet tolereren binnen “onze” instelling.
Blijkbaar was het slechts één student die mij googelde en ontdekte dat ik een kritisch artikel over klimaatverandering had geschreven; vermoedelijk heeft hij daarover geklaagd bij het hoofd van het instituut. Voor mij was het daardoor geen prettige werkomgeving meer.
Maar nadat ik in het eerste jaar van de “pandemie” het boek “The Global Coup-Etat” had geschreven, werd het ondraaglijk. Kritiek op de reguliere geneeskunde en de Covid-19-maatregelen was niet toegestaan. Dat werd als moreel onaanvaardbaar beschouwd.
Herkende u in maart 2020 meteen dat het om een frauduleus plan ging?
Min of meer. In april 2019 publiceerde ik mijn boek over de familie Rockefeller, waarin ik beschreef hoe hun plannen voor de wereld gerealiseerd moesten worden via de Vierde Industriële Revolutie. Tijdens mijn onderzoek naar klimaatverandering stuitte ik ook op informatie over de gezondheidssector. Daardoor was het voor mij vrij eenvoudig om de puzzelstukjes in elkaar te leggen.
En hebben de mainstream-media gereageerd op uw publicatie over de staatsgreep?
Nee. Mijn visie werd destijds simpelweg als extreem beschouwd. Zweden was tijdens de “pandemie” natuurlijk een betere plek om te wonen. Maar in de media werd het gebracht alsof “iedereen die daaraan twijfelt een idioot is”. Alternatieve media berichtten wel over mijn boek, dat in december 2020 verscheen en snel was uitverkocht.
In 2024 opende het World Economic Forum in Berlijn het Global Government Technology Centre. Wat gebeurt daar?
Het doel is nieuwe systemen voor bestuur op te bouwen. Die zullen niet door mensen worden aangestuurd, maar door een autonoom AI-systeem. Stanley Milgram introduceerde de term “agentic state” — een toestand waarin iemand simpelweg de wensen en instructies van de autoriteiten opvolgt.
Een white paper van het Global Government Technology Centre draagt precies die titel: “The Agentic State”. De autonome AI moet fungeren als gezagsorgaan, bevelen uitvaardigen en alles efficiënt uitvoeren, en is bedoeld voor gebruik binnen het noodresponsplatform van de VN — zonder mensen die kunnen zeggen: “Nee, dat weiger ik.”
Een ander Global Government Technology Centre bevindt zich in Kiev, waar deze systemen kunnen worden getest — iets wat eenvoudiger te realiseren is in een land in oorlog. Daarom werken veel vertegenwoordigers van het World Economic Forum samen met Oekraïne.
Om met deze dystopische plannen van de superklasse om te gaan, hebt u zelfs een rockband opgericht?
Creatief bezig zijn is erg belangrijk, omdat dat deel uitmaakt van het mens-zijn. Daarnaast geef ik lezingen en schrijf ik over mijn onderzoeksbevindingen. Op die manier verwerk ik alles. En gaandeweg heb ik ook een aantal zeer goede vrienden gemaakt.
Maar hoe zou de mensheid idealiter moeten reageren op deze technocratische dreiging?
Deze poging van de superklasse om de Toren van Babel opnieuw op te bouwen zal mislukken. Zodra het laatste puzzelstukje op zijn plaats valt, zal alles beginnen af te brokkelen en in te storten. Degenen die dit systeem opbouwen gebruiken leugens en allerlei manipulatieve technieken om mensen volledig onder controle te krijgen. En hoewel de waarheid achterloopt, haalt zij langzaam terrein in.
Mensen prikken hier uiteindelijk doorheen. De waarheid zal uiteindelijk alles ontmaskeren. Ze ondernemen dus iets wat uiteindelijk onmogelijk is.
Tegelijkertijd denk ik dat zulke projecten onvermijdelijk zijn. Er zijn altijd mensen geweest — en die zullen er altijd zijn — die naar macht streven. Wanneer deze toren instort, zal iemand proberen die opnieuw op te bouwen. Maar misschien hebben we tussendoor wat tijd om de wereld beter voor te bereiden op deze psychopaten.
Bronnen:
Dit interview verscheen oorspronkelijk in het Duits bij Transition News op 11 mei 2026.
Het boek “Rockefeller – Controlling the Game” van Jacob Nordangård is verkrijgbaar in onze webshop.
meer nieuws
‘Computerprognoses over klimaatverandering zijn overduidelijk onjuist en gevaarlijk misleidend’
De vermeende bedreiging voor de planeet door antropogene klimaatverandering staat al een halve eeuw hoog op de agenda van de Australische politiek. Elk jaar, vlak voor de bijeenkomsten van de VN-klimaatconferentie (CoP), worden kleine stijgingen van de kooldioxide-concentratie in de atmosfeer en de mondiale temperatuur in de media afgeschilderd als voorbodes van een rampzalige toekomst. Elke extreme weersomstandigheid wordt voorgesteld als een onheilspellend voorteken van wat ons te wachten staat als fossiele brandstoffen niet worden afgeschaft.
Herinneringen aan een markante man: Fred Udo
Een markante man is op 15 februari van ons heen gegaan: Fred Udo, natuurkundige, zeiler, aktievoerder, klimaatskepticus, en veel meer. Als jarenlange vriend en buurman is het een voorrecht om hier iets over het kleurrijke leven van Fred te vertellen.
Correcte KNMI-correcties? Misschien zijn die zeven ‘teruggevonden’ hittegolven toch aan de zuinige kant
De recente homogenisatie 2.0 van de KNMI-hoofdstations bracht zeven eerder verdwenen hittegolven terug in de statistieken. Maar een nadere analyse roept de vraag op of deze correctie wel volledig recht doet aan de oorspronkelijke meetgegevens.








