Klimaatalarmisme houdt geen stand tegen de feiten

Ecologische gegevens zetten het verhaal van klimaatalarmisme steeds verder onder druk. Trends in bossen, dieren en landbouw vertellen een heel ander verhaal.

Vijay Jayaraj
Datum: 15 januari 2026

DEEL:

Het kaartenhuis dat is opgebouwd uit computermodellen en bespeelde emoties stort in onder het gewicht van een hardnekkige, ongemakkelijke realiteit. De “klimaatnoodtoestand” bestaat vooral in de paniekerige persberichten van een beweging die aanvoelt dat haar tijd voorbij is.

Decennialang hebben activisten hun zaak verankerd in dramatische waarschuwingen over massa-extincties, smeltende ijskappen en het einde van het leven aan de polen, instortende ecosystemen en verdwijnende biodiversiteit.

Klimaatalarmisme is gebouwd op angst, niet op bewijs

Het doel was altijd hetzelfde: angst zaaien, beleid afdwingen, macht vergaren en – als men slim of corrupt genoeg was – geld verdienen. Maar wat vertellen de feiten ons nu werkelijk?

Ecologische data vertellen een heel ander verhaal

Sommige van ’s werelds grootste landen hebben hun bosareaal juist aanzienlijk uitgebreid, terwijl alarmisten een ecologische ramp voorspelden. Tussen 2015 en 2025 voegde China ongeveer 16.000 km² bos toe. In dezelfde periode won Rusland meer dan 8.000 km², en India bijna 2.000 km². De lijst gaat verder: Turkije voegde bijna 1.200 km² toe. Ook Australië, Frankrijk, Zuid-Afrika en Canada lieten aanzienlijke groei zien.

Misschien wel het scherpste voorbeeld van falende voorspellingen is de zogenoemde uitsterving van soorten. Twintig jaar lang werden beelden van gezonde ijsberen op smeltend zomerijs gebruikt om emoties te manipuleren. Toch laten rapporten uit 2025 zien dat de ijsbeerpopulaties stabiel zijn en zelfs groeien ten opzichte van de jaren vijftig. In de afgelopen tien tot vijftien jaar zijn de aantallen niet afgenomen en tonen de populaties veerkracht, ondanks schommelingen in het zomerse zee-ijs.

Ook de Bengaalse tijger in India vormt een krachtige tegenspraak van angstretoriek. Tussen 2014 en 2022 groeide het aantal tijgers in India van 2.226 naar 3.682 dieren – een toename van 65% in acht jaar, met een jaarlijkse groei van meer dan 6%.

Daarnaast concludeerde een baanbrekende studie uit 2025, gebaseerd op gegevens van bijna 2 miljoen soorten, dat de uitstervingssnelheid niet is versneld. Integendeel: die piekte meer dan een eeuw geleden en is sinds het begin van de twintigste eeuw gedaald. De vermeende grote uitstervingsgolf bleek een spookbeeld. De studie laat zien dat vroegere uitstervingen vooral werden veroorzaakt door invasieve soorten op geïsoleerde eilanden, niet door een “klimaatcrisis” of de effecten van de moderne beschaving.

Landbouw en ecosystemen worden veerkrachtiger

De mondiale landbouwprestaties ondermijnen een andere pijler van milieupessimisme. Hongersnoden zijn uitgebleven, terwijl boeren wereldwijd recordoogsten binnenhaalden. De opbrengsten per hectare zijn sterk gestegen, waardoor meer mensen kunnen worden gevoed met minder land.

Deze productiviteitswinst heeft grote gevolgen. Naarmate landbouw efficiënter wordt, zijn minder hectares nodig om de wereldbevolking te onderhouden. De oogstopbrengsten van 2024 tartten elke malthusiaanse voorspelling. Kooldioxide – vaak afgeschilderd als vervuiler – heeft zijn rol als plantenvoeding vervuld en gewassen bemest, waarmee een wereldbevolking wordt gevoed die sinds de jaren zeventig is verdubbeld. De planeet sterft niet; zij wordt gevoed.

Waarom is dit belangrijk? Omdat het bewijst dat de kernpremisse van de beweging tegen fossiele energie onjuist is. De industriële samenleving vernietigt de aarde niet. De data laten het tegenovergestelde zien: naarmate landen rijker en meer geïndustrialiseerd raken, krijgen zij juist de capaciteit om ecosystemen te beschermen, bossen uit te breiden en meer mensen te onderhouden.

Waarom deze positieve trends worden genegeerd

De stilte vanuit het klimaatetablissement over deze successen is oorverdovend. Heb je één kop in de reguliere media gezien die de miljoenen nieuwe hectaren bos viert? Heb je ook maar een fluistering gehoord over het onderzoek van de Universiteit van Arizona dat de uitstervingscrisis ontkracht? Nee.

Deze verhalen verdwijnen omdat ze geen angst verkopen. Dat deze positieve ontwikkelingen nauwelijks worden erkend buiten gespecialiseerde wetenschappelijke kringen, zegt meer over de prioriteiten van de beweging dan over de gezondheid van de planeet.

In de wetenschap geldt: wanneer data een hypothese tegenspreken, wordt die hypothese aangepast of verworpen. Klimaatalarmisten daarentegen hebben hun retoriek juist verder opgevoerd.

Het verdienmodel van het klimaatinstitutionele complex leunt op publieke paniek, maar het toenemende besef van de feiten vergroot vooral de nervositeit van de verkondigers van rampspoed.

De politieke gevolgen zijn al zichtbaar

Kiezers wereldwijd worden wakker. Recente verkiezingen in Europa en Noord- en Zuid-Amerika hebben nieuwe regeringen opgeleverd die openlijk kritisch staan tegenover de netto-nulagenda. Zij werden gekozen met mandaten om energiebeleid te normaliseren, prijzen te verlagen en de ketenen van mondiale klimaatverdragen af te werpen.

Dit commentaar verscheen voor het eerst op BizPac Review op 10 januari.

(Vertaald voor Clintel Foundation door Tom van Leeuwen.)

Vijay Jayaraj

Vijay Jayaraj is medewerker wetenschap en onderzoek bij de CO₂ Coalition in Fairfax, Virginia. Hij behaalde een master in milieuwetenschappen aan de University of East Anglia en een postacademische opleiding in energiemanagement aan Robert Gordon University (VK), en een ingenieursdiploma aan Anna University (India). Daarnaast was hij onderzoeksmedewerker bij de Changing Oceans Research Unit van de University of British Columbia (Canada).

DEEL DIT ARTIKEL:

Climate Intelligence Clintel

meer nieuws

By |2026-01-15T09:36:22+01:0015 januari 2026|Reacties uitgeschakeld voor Klimaatalarmisme houdt geen stand tegen de feiten
Go to Top