Reactie Clintel op de vermeende oliebelangen van de stichting
Het KRO-NCRV programma Pointer dat deze week uitgebreid aandacht besteedde aan CLINTEL claimt zowel in de uitzending als op haar website dat CLINTEL ‘banden’ zou hebben met de olie-industrie. Hun artikel heeft bijvoorbeeld als kop: “Klimaattwijfel zaaien met hulp van oliegeld en populistisch rechts netwerk”. Het is mooi dat wij in hun ogen “zeer invloedrijk” zijn, tegelijkertijd is het ook triest om te zien hoeveel onjuistheden en suggestieve beschuldigingen een club van “onderzoeksjournalisten” in één zin bij elkaar weet te schrijven. Het is prima dat journalisten CLINTEL tegen het licht houden (wij hebben niets te verbergen) maar de beschuldigingen in dit artikel raken kant noch wal. Hieronder leggen we nogmaals uit hoe het zit met de vermeende ‘oliebelangen’.
DELPHI (een instituut opgericht door Guus Berkhout), CFGSEC (in 2011 opgericht door Berkhout) en Clintel (in 2019 opgericht door Berkhout en Crok) hadden en hebben inhoudelijk en organisatorisch niets met elkaar te maken. DELPHI gaat over het zichtbaar maken van geologische aardlagen, CFGSEC gaat over de invloed van sociale ongelijkheid op armoede, rijkdom en de ecologische voetafdruk en Clintel gaat over de oorzaken en mogelijke gevolgen van klimaatverandering en klimaatbeleid. Dat zijn wetenschappelijk totaal verschillende onderwerpen. DELPHI werd door Prof. Guus Berkhout geleid als hoogleraar ‘Geofysica’ en CFGSEC werd door Professor Guus Berkhout geleid als hoogleraar ‘Innovatiemanagement’.
Uit een deel van de reserves van DELPHI, die geheel beheerd werden door TNO, werd toentertijd (na overleg met de RvB en TNO accountant) een extra onderzoek fonds gevormd voor nieuwe innovatieprojecten. Dat is uitgebreid gedocumenteerd. Uit dat fonds zijn de startactiviteiten van CFGSEC betaald. Dat geld is allemaal in TNO besteed, ver voordat Clintel bestond.
Er is dus nooit geld van CFGSEC naar CLINTEL gegaan. Deze Stichting werd veel later opgericht (8 maart, 2019).
De activiteiten van CFGSEC zijn gepubliceerd in de World Prosperity Outlook (WPO) in 2016. Daaruit blijkt zonneklaar dat CFGSEC zich niet met klimaat bezig hield. Nog hetzelfde jaar is er op verzoek van TNO, een kort vervolgproject gestart om de sterke relatie tussen economische groei en energieverbruik bloot te leggen. Daar is een uitgebreid rapport van (Dec. 2016). Ook de Industrial Advisory Board van DELPHI is geïnformeerd over CFGSEC en hebben ook een exemplaar van de WPO gekregen.
Samenvattend, noch DELPHI noch CFGSEC hebben ooit een cent in Clintel gestopt. Hetzelfde geldt voor TNO.
Clintel is vorig jaar opgericht dankzij een toezegging van een half miljoen euro van vastgoedondernemer Niek Sandmann. Ook hij was daar volledig transparant over in een interview in De Telegraaf. Verder ontvangt Clintel donaties van particulieren. Wilt u ons steunen, overweeg dan Vriend van Clintel te worden of een eenmalige donatie over te maken.
Wilt u meer lezen over Clintel en haar doelstellingen, kijk dan hier en hier. Onze World Climate Declaration en de ruim 800 ondertekenaars vindt u op clintel.org.
Guus Berkhout
Marcel Crok
meer nieuws
“Extra windmolens zijn niet nodig en schaden vooral de Noordzee”
Meer windmolens op de Noordzee leveren volgens Maarten van Andel weinig op: door overschotten en netcongestie draaien ze vaak niet; ze dragen maar ongeveer 3% bij aan onze totale energievoorziening. Ook steeds meer prominenten hebben twijfels bij het nut van windturbines. Daaronder niet Sophie Hermans.
Green New Scam: Trump spot, Europa betaalt
Terwijl de elite met hun privéjets naar Davos vloog, organiseerde het Amerikaanse Heartland Institute een World Prosperity Forum in Zürich. In de lezingen daar, onder andere van Marcel Crok, werd het immense contrast zichtbaar tussen het klimaatbeleid in Europa en de VS.
Ook Steven Koonin denkt dat de ergste klimaathysterie achter de rug is
In een recente ICSF/Clintel lezing betoogde professor Steven Koonin dat het mondiale klimaat- en energiebeleid zich op een kantelpunt bevindt. Na decennialange nadruk op snelle en verregaande emissiereductie ziet hij duidelijke tekenen van een verschuiving richting meer realisme en pragmatisme, ook in de klimaatberichtgeving. De economische, technologische en maatschappelijke realiteit is immers steeds moeilijker te negeren.






