Verdwenen hittegolven terug: KNMI en media faalden jarenlang

Het KNMI publiceerde deze week nieuwe temperatuurcorrecties voor De Bilt. Het gaat om correcties van oude metingen van voor 1950. Door eerdere correcties waren veel tropische dagen en hittegolven in die periode uit de boeken geschrapt. Een groep critici, waaronder Marcel Crok, hebben de correcties jarenlang inhoudelijk bekritiseerd. Zij krijgen nu gelijk. Crok blikt in dit artikel terug op deze lange battle en op de rol die het KNMI en de media speelden.

Jeugd in de hitte in de fontein op het Frederiksplein, Amsterdam, op 28 juni 1947.
(Bron: nationaalarchief.nl)

Marcel Crok
Datum: 30 januari 2026

DEEL:

Mijn inbox en social media kanalen stromen deze week vol met felicitaties. Aanleiding is onderstaande kop en dit artikel in de Volkskrant (gratis versie hier): KNMI ‘vindt’ zeven hittegolven van vóór 1950, een overwinning en principekwestie voor klimaatcritici. Na een slepende discussie van zo’n zeven jaar heeft het KNMI erkend dat wij – vier onderzoekers – gelijk hadden met onze kritiek op de temperatuurcorrecties van ons nationaal weer- en klimaatinstituut. Ook andere media pikken het inmiddels op zoals RTL Nieuwsde Telegraaf en de NOS.

Een grote overwinning voor ons? Absoluut. De aanhouder wint? In dit geval wel tenminste. Lees even mee wat de Volkskrant schrijft:

“Het KNMI komt daarmee tegemoet aan critici van de stichting Clintel, een denktank die het nut van klimaatbeleid betwist. De klimaatcritici wijzen er al acht jaar op dat het KNMI een aantal hittegolven ten onrechte uit de boeken heeft geschrapt. ‘Het is goed dat het KNMI ons nu bij deze herziening heeft betrokken en dit rechtzet’, zegt Clintel-directeur Marcel Crok. ‘Maar het was wel een heel lange battle.’

En even verderop zegt KNMI-onderzoeker Peter Siegmund zelfs het volgende:

“Ruim zes jaar geleden verklaarde het KNMI nog aan de Volkskrant ‘dat we geen enkele behoefte voelen inhoudelijk te reageren’ op de kwestie. De critici zouden zich te veel ‘in de hoek van achterdocht en ontkenning positioneren’, zei een woordvoerder destijds. Daarop komt het instituut nu terug. ‘Deze criticus had gewoon een punt’, zegt KNMI-klimaatwetenschapper Peter Siegmund over de belangrijkste criticus, de gepensioneerde mycoloog Frans Dijkstra.

Frans Dijkstra is een van de vier onderzoekers en de eerste auteur van de wetenschappelijke paper die wij in 2021 over deze kwestie publiceerden. Op de website van het KNMI zelf leest het artikel over deze kwestie zoveel mogelijk als een nothing to see here. Maar de journalist van de Volkskrant, had het haarscherp in de gaten. Dit is nieuws. Een jarenlang ‘conflict’ tussen ons en het KNMI werd plots in ons voordeel beslecht en een KNMI-er erkent het in de krant. Voor wie het klimaatdebat volgt is deze erkenning door het KNMI bijna een mirakel. Ik zal in dit artikel vooral het proces beschrijven. Mijn collega’s Frans Dijkstra en Rob de Vos schreven al een artikel dat inhoudelijk de nieuwe correcties van het KNMI bespreekt.

Hittegolven

Over deze kwestie heeft Clintel in 2019 een dik rapport geschreven met de Suske en Wiske-achtige titel Het raadsel van de verdwenen hittegolven (een beetje humor erin houden is belangrijk vonden wij) en later in 2021 een wetenschappelijk artikel. Het draait om het volgende: Het KNMI corrigeerde in 2016 oude temperatuurmetingen (periode 1901-1950) in De Bilt vanwege de overgang naar een nieuw meetstation en een verplaatsing van een paar honderd meter op het KNMI-terrein. Normaal gesproken meet je dan een paar jaar met de oude en nieuwe methode op dezelfde locatie en dan kun je corrigeren voor een eventuele systematische afwijking tussen de twee methoden en heb je weer een ‘homogene’ reeks (vandaar dat het proces homogenisatie heet).

Het KNMI beweerde aanvankelijk echter dat er geen parallelmetingen gedaan waren in 1950 (later bleken die er wel te zijn, maar alleen niet voor de verplaatsing) en besloot De Bilt daarom met een statistische methode te corrigeren aan de hand van station Eelde dat 150 kilometer ten noordoosten van De Bilt ligt. De correcties van het KNMI voor De Bilt hadden nagenoeg geen effect op de jaargemiddelde temperaturen (dus leken in orde) maar op extreem warme dagen liepen de dagcorrecties hoog op, tot wel 1,2 graden op warme junidagen, 1,6 graden op julidagen en maar liefst 1,9 graden op augustusdagen. Als gevolg daarvan verdwenen er 16 van de 23 hittegolven uit de periode 1901-1950 uit onze geschiedenisboeken. De bloedhete zomer van 1947, die met vier hittegolven recordhouder was (tot dan toe) verloor er drie en zakte dus uit de top weg.

De kwestie laaide op in de warme zomer van 2018. Claims dat hittegolven tegenwoordig drie keer zo vaak voorkomen waren geregeld te horen in de media. Ja, na de correcties van het KNMI, repliceerde ik op twitter (nu 𝕏). Ik deed een oproep voor crowdfunding en Rob de Vos van de website klimaatgek.nl en ik gingen aan de slag om te kijken of de correcties van het KNMI legitiem waren. Later sloten Frans Dijkstra en Jan Ruis, allen gepensioneerd, zich bij ons aan. Ons rapport in 2019 stelde dat het KNMI (veel) te ver was doorgeschoten in haar correcties en dat die correcties wat ons betreft ‘onverdedigbaar’ waren. De Telegraaf bereidde een artikel voor, met wederhoor van het KNMI, maar op het laatste moment werd dat teruggefloten door de hoofdredactie van de krant. Later vernam ik dat de toenmalige directeur van het KNMI, Gerard van der Steenhoven, op een bijeenkomst voor KNMI-alumni had gepocht dat het artikel door zijn toedoen niet verschenen was.

Potkaars

Ik werd benaderd door Rico Brouwer die mij wilde interviewen voor zijn podcast Potkaars.nl. Brouwer besloot vooraf het KNMI te vragen om een reactie en dat werd een heel interessant gesprek. Cees Molenaars, destijds woordvoerder van het KNMI (inmiddels overleden), zei onder andere:

  • Wat Marcel Crok schrijft is kwalijk.
  • Hij wordt niet serieus genomen, de Telegraaf prikte er doorheen en anderen media publiceren ook niet, geven hem geen podium.
  • Hij denkt dat KNMI het expres doet.
  • Hij wil niet weten hoe het echt zit.
  • Crok doet dit voor zijn klimaat sceptisch beeld.
  • KNMI heeft steeds laten zien aan hem hoe het zat.
  • Hij leeft van het feit dat hij een van de klimaatontkenners is.
  • Gelieerd aan Thierry Baudet, PVV, Rechterflank.
  • Hij wil hetze aan KNMI ontketenen.
  • Te veel eer hem van repliek te dienen.

Molenaars kon op dat moment het rapport nog niet gelezen hebben. Toch waren dit bij voorbaat zijn reacties. Voornamelijk speculaties over mijn motieven en diverse ad hominems. Aangezien Brouwer deze opmerkingen online had gezet nam ik per e-mail contact op met de KNMI-directeur Gerard van der Steenhoven en ik vroeg hem of dit de manier is waarop een door de overheid gefinancierd instituut met critici wil omgaan. Een gesprek op het KNMI volgde met hem en Cees Molenaars en dat was een onthutsende ervaring. Op mijn vraag of het KNMI zou gaan reageren op ons rapport was het antwoord ontkennend. Op mijn vraag waarom niet was het antwoord: “We vertrouwen jou niet.” “Wetenschap is geen kwestie van vertrouwen”, antwoordde ik. “Of het klopt wat wij schrijven of niet en in beide gevallen wil ik het graag horen.’

Wij probeerden ook met de KNMI-onderzoeker die de homogenisatie had uitgevoerd in contact te komen, maar die wilde geen gesprek en uitsluitend per e-mail corresponderen.

De houding van het KNMI laat zich verklaren. Wij zijn vier buitenstaanders. Zij hebben de autoriteit, het geld (ons onderzoek al die jaren is vrijwel zonder financiering gedaan), goede contacten in Den Haag en getuige het incident bij De Telegraaf hadden ze de media ook behoorlijk onder controle. Zolang de media en de politiek er geen heisa van maakten was ons negeren verreweg het gemakkelijkst. We stonden 10-0 achter, ook al wisten we dat we gelijk hadden.

Peer reviewed

We besloten het over een andere boeg te gooien. Het KNMI had zijn homogenisatie nooit peer reviewed gepubliceerd. Ons rapport was ook niet peer reviewed maar werd onder andere om die reden niet serieus genomen. We besloten onze kritiek samen te vatten in de vorm van een wetenschappelijk artikel en na een aantal afwijzingen (deels terechte kritiek die ons werk beter heeft gemaakt) slaagden we er in december 2021 in ons werk te publiceren in een degelijk wetenschappelijk tijdschrift. De kern van onze kritiek is gebundeld in onderstaande figuur die ook in de paper staat:

Hier zie je de verhouding van tropische dagen (dagen warmer dan 30 graden Celsius) bij de vijf Nederlandse hoofdstations voor en na 1950. Het getal 1 langs de verticale as betekent net zo veel tropische dagen in de 50 jaar voor 1950 als in een even lange periode na 1950. Een getal groter dan 1 betekent meer tropische dagen voor 1950 dan erna. Te zien is dat de verhouding redelijk overeenkomt bij de vier hoofdstations en dat De Bilt voor de homogenisatie (donkergrijs) in lijn is met de andere hoofdstations, maar erna (lichtgrijs) plots een enorme outlier is geworden. Dit is het keiharde bewijs dat de correcties in De Bilt veel te ver zijn doorgeslagen. Je kunt je zelfs afvragen of homogeniseren überhaupt nodig was.

Voorsprong

Nu lagen de kaarten plots heel anders. Wij hadden peer reviewed gepubliceerd, het KNMI zelf niet. Voor het eerst in deze jarenlange discussie stonden wij 5-0 voor. De media negeerden onze paper echter nog altijd, ook al stuurden we een persbericht rond. Het KNMI beloofde echter in De Andere Krant, dat hen om een reactie vroeg, dat ze ernaar zouden kijken. Dat heeft dus nog vier jaar geduurd, maar nu is daar dan eindelijk de erkenning dat wij ‘een punt’ hadden. Precies wat wij eind 2021 in ons persbericht schreven is gebeurd: gebruik bij de homogenisatie meerdere stations (KNMI gebruikt nu Eelde en Beek) en gebruik van een langere vergelijkingsperiode (KNMI gebruikt nu 15 jaar, eerder slechts 56 maanden). De grafiek die we hierboven plaatsten ziet er nu zo uit:

De Bilt is nu geen outlier meer ten opzichte van de andere stations. Het gevolg is dat zeven van de verdwenen hittegolven weer terug in de boeken staan en dat 1947 opnieuw het recordjaar is geworden met vier hittegolven. Zonder peer reviewed publicatie was dit nooit gelukt, hoe oneerlijk het ook is, omdat het KNMI zelf ook niet peer reviewed over deze kwestie heeft gepubliceerd. Maarten Keulemans, die het nieuws nu oppikte, sloeg er in het verleden ook nooit op aan. Het was in zijn ogen een mierenneukerige detailkwestie.

Ik was en ben het daar niet mee eens. Van meet af aan ging dit niet over de vraag wat meer of minder hittegolven in het piepkleine Nederland nu betekenen voor de bredere wereldwijde klimaatdiscussie. Voor mij ging het om de neiging van het KNMI om telkens weer met alarmistische claims te komen en in hoeverre die nu wel of niet terecht waren. Het ging over de betrouwbaarheid van het instituut. Kunnen we het KNMI vertrouwen? Of is hier sprake van een institutionele bias?

Het antwoord is nu gegeven. We konden het KNMI inderdaad niet vertrouwen en zij deden er alles aan om critici met ad hominem argumenten weg te zetten in plaats van inhoudelijk te reageren. Het imago van het KNMI heeft een deuk opgelopen door deze affaire, hoewel ze met deze versie 2.0 van hun homogenisatie en de transparantie (onze auteur Frans Dijkstra was gevraagd dit nieuwe rapport te reviewen) waarmee dat gepaard ging een stap in de goede richting hebben gezet.

Dit artikel werd eerder gepubliceerd op Indepen.eu.

Marcel Crok

Marcel Crok is wetenschapsjournalist en schrijft sinds 2005 vrijwel fulltime over klimaat, het klimaatdebat en klimaatbeleid. Hij is auteur van De Staat van het Klimaat en medeauteur van het boek Ecomodernisme. In 2019 richtte hij samen met Guus Berkhout stichting Clintel op dat de andere kant van het klimaatverhaal laat horen. Bij Clintel publiceerde Crok het boek De starre Klimaatvisie van het IPCC.

DEEL DIT ARTIKEL:

Climate Intelligence Clintel

meer nieuws

Tijd om te stoppen met doen alsof hernieuwbare energie goedkoop is

Dit artikel van Tilak Doshi stelt de algemeen heersende aanname aan de kaak als zouden wind- en zonne-energie door hun aard 'goedkoop' zijn. Hij stelt dat als de volledige kosten van de levenscyclus, materiaalbeslag en intermittentie van deze energievormen in de beschouwing worden meegenomen, hernieuwbare energie wel eens veel duurder kan blijken dan vaak wordt beweerd.

10 december 2025|Categories: Nieuws|Tags: , , , |
By |2026-02-05T10:26:02+01:0030 januari 2026|Reacties uitgeschakeld voor Verdwenen hittegolven terug: KNMI en media faalden jarenlang
Go to Top