Klimaatcrisis onderuitgehaald: 25 jaar data tonen geen toename van weerrampen
In dit artikel onderzoekt dr. Matthew Wielicki officiële rampendata van de afgelopen 25 jaar. Die laten geen toename zien van wereldwijde extreme weersomstandigheden, ondanks stijgende CO₂-concentraties en recordtemperaturen. De analyse laat zien wat de klimaatdata daadwerkelijk onthullen en waarom die botsen met gangbare klimaatverhalen.
Decennialang rust het verhaal van de klimaatcrisis op één enkele, emotioneel krachtige bewering:
naarmate de aarde opwarmt, wordt extreem weer frequenter en intenser.
Die gedachte is niet uit het niets ontstaan. Ze is keer op keer herhaald — vaak woordelijk — door overheden, internationale instellingen, wetenschappelijke organisaties en grote media. Zo werd een bescheiden opwarming omgevormd tot een existentiële noodtoestand.
Extreem weer was geen bijverschijnsel.
Het was het bewijs.
Precies daarom is de onderstaande figuur zo belangrijk.
De dataset die werd gebruikt… tot de uitkomsten niet meer pasten
De grafiek hierboven toont het wereldwijde aantal klimaatgerelateerde rampen, waaronder droogtes, overstromingen, stormen, bosbranden en extreme temperatuurevenementen. De gegevens zijn samengesteld door het Centre for Research on the Epidemiology of Disasters (CRED) in Brussel.
Deze databank staat bekend als EM-DAT, de Emergency Events Database.
Het gaat niet om een obscure bron. EM-DAT wordt gebruikt door onder meer:
- de Verenigde Naties
- de Wereld Meteorologische Organisatie
- ngo’s en verzekeraars
- klimaatonderzoekers en IPCC-gerelateerde studies
Jarenlang werd deze databank routinematig aangehaald om te beweren dat klimaatverandering al leidde tot meer extreem weer.
Nu voorlopige gegevens voor 2025 beschikbaar zijn, stort dat argument in.
Wat instellingen daadwerkelijk beweren
Om te begrijpen hoe scherp de kloof is, moet je kijken naar wat gezaghebbende instellingen expliciet zeggen dat er zou moeten gebeuren.
Het Zesde Assessmentrapport van het IPCC stelt:
“Elke verdere opwarming zal leiden tot meer extreme weersomstandigheden… De frequentie en intensiteit van extreme gebeurtenissen zullen aanzienlijk toenemen bij verdere opwarming.”
NASA verwoordt het even duidelijk:
“Recordhittegolven, overstromingen, droogtes, bosbranden en orkanen worden allemaal frequenter en intenser.”
NOAA laat via Climate.gov weten:
“Het aantal extreme weersincidenten zal naar verwachting toenemen als gevolg van klimaatverandering.”
En de Verenigde Naties stellen onomwonden:
“Klimaatverandering heeft geleid tot een toename van de frequentie en intensiteit van extreme weersgebeurtenissen.”
Dit is geen voorzichtige of genuanceerde taal.
Dit vormt de ruggengraat van de klimaatcrisiscommunicatie.
Vergelijk die beweringen nu met de data.
Wat de waarnemingen daadwerkelijk laten zien
In de afgelopen 25 jaar — dezelfde periode waarin:
- de atmosferische CO₂-concentratie het hoogste niveau in de menselijke geschiedenis bereikte,
- de wereldwijde temperatuur volgens officiële cijfers recordhoogtes bereikte,
- het klimaatbeleid sterk werd uitgebreid,
is het aantal klimaatgerelateerde rampen wereldwijd niet toegenomen.
Het is vlak gebleven.
En in 2025 — het jaar na de hoogste CO₂-concentraties en enkele van de warmste mondiale temperaturen ooit gemeten — ligt het totale aantal rampen zelfs lager dan op enig ander moment in het afgelopen kwart eeuw.
Ja, de gegevens voor 2025 zijn voorlopig. EM-DAT kent een beperkte rapportagevertraging, vooral voor gebeurtenissen laat in het kalenderjaar. Kleine opwaartse correcties zijn mogelijk.
Maar geen enkele realistische correctie maakt van 2025 een recordjaar voor rampen. Het signaal is duidelijk. De trend keert niet om.
Als opwarming werkelijk een explosie van extreem weer zou veroorzaken, dan zou dat hier zichtbaar moeten zijn.
Dat is het niet.
Het meest onthullende detail: extreme temperatuurevenementen
Eén detail in de data van 2025 verdient bijzondere aandacht.
Wereldwijd registreerde EM-DAT in 2025 slechts één ramp die verband hield met extreme temperatuur.
Eén.
Dat is opmerkelijk, gezien hoe vaak ons wordt verteld dat hittegolven overal tegelijk alomtegenwoordig, ongekend en steeds dodelijker worden.
EM-DAT telt geen warme dagen of onaangename zomers. Het registreert gedocumenteerde rampen die voldoen aan drempels voor impact, ontheemding of sterfte.
Als hitte-extremen werkelijk uit de hand liepen, zou deze categorie sterk moeten groeien.
Dat gebeurt niet.
Waarom temperatuur nooit het echte probleem was
Vrijwel niemand heeft ooit beweerd dat een planeet die iets warmer is dan in 1850 op zichzelf gevaarlijk zou zijn.
Het midden van de 19e eeuw was juist een uitzonderlijk koude, instabiele en ongezonde periode voor de mensheid — gekenmerkt door lage landbouwproductiviteit, wijdverbreide ziekten en geopolitieke onrust. Terugkeren naar de temperaturen van 1850 zou het menselijk welzijn niet verbeteren.
Wat opwarming “gevaarlijk” maakte, zo werd gezegd, waren de positieve terugkoppelingen:
- vaker voorkomende stormen
- intensere overstromingen
- verergerende droogtes
- toenemende bosbranden
- escalerende hitte-catastrofes
Extreem weer was het mechanisme waarmee opwarming een crisis werd.
En dat mechanisme verschijnt niet in de data.
Het verhaal blijft desondanks bestaan
Waarom houdt het crisisframe dan stand?
Omdat een verhaal, zodra het geïnstitutionaliseerd is, niet langer afhankelijk is van bevestiging door waarnemingen. Het leeft van herhaling, autoriteit en morele framing.
Toen EM-DAT het alarmistische verhaal leek te ondersteunen, werd het voortdurend aangehaald.
Nu dat niet meer zo is, wordt het stilletjes genegeerd.
Zo werkt gezonde wetenschap niet.
Op heterdaad betrapt
Na 25 jaar van stijgende emissies en recordhitte is de rampengolf die een wereldwijde noodtoestand moest rechtvaardigen, nooit gekomen.
Dat betekent niet dat weer niet bestaat.
Het betekent niet dat aanpassing overbodig is.
En het betekent niet dat het klimaat niet verandert.
Het betekent dat het crisisverhaal faalt voor zijn eigen empirische toets.
En dat zou moeten leiden tot heroverweging — niet tot verdubbeling van de inzet.
Slotgedachte
Als extreem weer niet toeneemt, dan valt de rechtvaardiging voor permanente noodpolitiek weg.
Angst was altijd de brandstof.
Rampen waren altijd het bewijs.
Zonder dat bewijs verliest de klimaatcrisis haar fundament.
Dit gratis artikel verscheen eerder op Irrational Fear.
Meer analyses zoals deze?
Op zijn Substack Irrational Fear deelt dr. Matthew Wielicki datagedreven klimaatanalyses, kritieken op officiële claims en toegang tot meer dan 420 originele artikelen.
(Vertaald voor Clintel Foundation door Tom van Leeuwen.)

Dr. Matthew Wielicki
Hoogleraar aardwetenschappen in ballingschap, klimaat- en cultuurrealist, politiek wees, pluralist, echtgenoot, vader, vriend, optimist, Irrational Fear Substack. Dr. Matthew Wielicki verschijnt ook in de documentaire Climate: The Movie op het YouTube-kanaal van Clintel.
meer nieuws
‘Hernieuwbare energie’ is niet hernieuwbaar
Terwijl politici en media oproepen om de energietransitie te versnellen vanwege de huidige energiecrisis en geopolitieke spanningen, plaatst Roger Pielke Jr. kanttekeningen bij het dominante verhaal over ‘hernieuwbare energie’. De basis van wind-, zonne-energie en batterijen is namelijk fossiele brandstoffen. Volgens Pielke blijven deze technologieën sterk afhankelijk van fossiele energie en zware industrie — een inzicht dat van belang is voor het debat over realistisch energiebeleid.
Er ligt een enorme hoeveelheid energie in de Nederlandse ondergrond
We moeten zorgen voor voldoende betaalbare energie in allerlei vormen, vindt Rob de Vos. Dit kan onder meer door reactivatie van het Groninger aardgasveld. In Vlaanderen is men serieus aan het kijken of sommige recent gesloten mijnen niet heropend kunnen worden met behulp van nieuwe schachten. In Nederland is schachtbouw mogelijk in Zuid-Limburg, maar ook op de Peelhorst en in het Meinweggebied. Waarom niet eigenlijk?
China vergroot productie van brandstoffen uit steenkool
In dit artikel analyseert de Australische wetenschapsjournalist Jo Nova de snelle opkomst van China’s steenkool-naar-chemicaliën- en brandstoffenindustrie. Terwijl veel westerse landen inzetten op het uitfaseren van fossiele energie, bouwt China in stilte aan een grootschalige industrie die steenkool omzet in brandstoffen, kunststoffen en meststoffen. Dat roept fundamentele vragen op over energiezekerheid en het mondiale klimaatbeleid.









