De reële gevaren van windturbines en gasleidingen
‘Een steekvlam van vierhonderd meter en een krater van zestig meter’
Als derde generatie agrarisch ondernemer op dezelfde plek in Anna-Paulowna, gemeente Hollands Kroon, is Albert Hoedjes één van de eersten die te maken kreeg met de overlast van windturbines. In zijn strijd heeft hij één kostbare fout gemaakt.
De Kop van Noord-Holland, vertelt Hoedjes, was al vroeg in beeld als locatie voor turbines, omdat het er behoorlijk waait. ‘In 1987 waren hier al plannen voor een windparkje. Die kwamen niet in Anna Paulowna, maar in buurgemeente Callantsoog. Ze wilden daar hun eigen burgers niet voor het hoofd stoten, dus zetten ze de windmolens pal op de grens, bij ons naast de deur.’
De Kop van Noord-Holland, vertelt Hoedjes, was al vroeg in beeld als locatie voor turbines, omdat het er behoorlijk waait. ‘In 1987 waren hier al plannen voor een windparkje. Die kwamen niet in Anna Paulowna, maar in buurgemeente Callantsoog. Ze wilden daar hun eigen burgers niet voor het hoofd stoten, dus zetten ze de windmolens pal op de grens, bij ons naast de deur.’
Het formaat van de zestien turbines was nog te overzien, met een ashoogte van dertig meter en geen drie maar twee wieken. Toch leverden die al zoveel overlast op, dat werd afgezien van plaatsing van de turbines die het dichtst bij de bebouwing stonden.
‘We hadden er niet zoveel last van’, zegt Hoedjes. ‘Dat kwam pas na een aantal jaren, toen de windmolens werden vervangen door een nieuw type, de Nikon 900, met een ashoogte van vijftig meter. Die kwamen op nagenoeg dezelfde plek als de oude. Dat was geen probleem, kregen we te horen, want de nieuwe turbines zouden stiller zijn dan de oude.’
Met zijn vragen werd Hoedjes van het kastje naar de muur gestuurd. ‘De gemeente liet een geluidsonderzoek doen, maar als je dat goed wil doen moet het over een langere termijn. Soms hoor je amper iets en dan weer is de overlast groot, vooral ’s nachts, als de luchtstromingen veranderen en ook het omgevingsgeluid wegvalt. Achter de dijk loopt een snelweg, er rijden auto’s en we hebben trekkers op het land, maar als die er niet zijn hoor je de windturbines des te meer.’
Wat ook tegen Hoedjes’ belang werkte was dat de toegestane geluidsoverlast over een jaar wordt opgebouwd. ‘Maar pieken werden niet gemeten, en juist dan heb je overlast. Het werd uiteindelijk allemaal afgevlakt. Mensen van de omgevingsdienst zijn een paar keer komen kijken, maar die verschuilen zich achter de norm op jaarbasis.’
Hoedjes kwam er bovendien achter dat hij in zijn gesprekken met de exploitant een kostbare fout had gemaakt. ‘We hadden afspraken, als we bijvoorbeeld ’s nachts last hadden zou het aantal toeren worden teruggebracht. Maar de afspraken waren mondeling en dus trok hij zich daar niets van aan. De exploitant wil alleen maar het maximale rendement, daar is ook de subsidie op gebaseerd. Maar de exploitant en de particulieren die hierin hebben geïnvesteerd wonen hier niet eens in de buurt. Ze weten niet hoe het voor ons is. Voor ons is het enige wat erop zit alles potdicht doen, en zelfs dan horen we ze nog.’
Overlast is niet het enige wat hem dwars zat. Onder zijn land lopen zware hogedrukleidingen voor het transport van aardgas. ‘Ik heb van de Gasunie begrepen dat als een molen omver gaat en zo’n leiding raakt, je landelijk nieuws wordt. Je krijgt dan een steekvlam van vierhonderd meter, een krater van zestig meter doorsnee en in een straal van vijfhonderd meter verbrandt alles. Wij wonen op driehonderd meter. Daardoor slapen we minder goed als het hard waait.’
De Gasunie maakte grosso modo hetzelfde mee als Hoedjes en alle andere bezwaarmakers in het land. ‘Ze wisten pas van de plannen toen de vergunning definitief was, ze zijn van tevoren niet in kennis gesteld. Bij de vervanging van de turbines kwamen ze er ook niet aan te pas, dat was allemaal al geregeld. We stonden weer met lege handen. Het wachten is nu op de nieuwe geluidsnormen, die maar niet komen. Misschien dat de nieuwe regering iets kan betekenen.’
De geest van het verzet is in Hollands Kroon door alle tegenwerking gebroken. Ook Hoedjes weet dat er weinig anders op zit dan berusten, terwijl decennia geleden nog met de buren eendrachtig werd doorgeprocedeerd tot aan de Raad van State. ‘Maar die veegt gewoon alles van tafel. Bij de provincie kreeg ik te horen dat ik niet ter zake kundig was. Ik heb er veel energie en geld in geïnvesteerd, maar het is niet gelukt. Ik kan niet verhuizen, en dat wil ik ook niet. Ik heb mijn ziel en zaligheid in dit bedrijf gestoken.’
Door Enno de Witt
Foto’s: Shutterstock
Over de windturbines
| Locatie windturbines | Koegraszeedijk, Anna-Paulowna |
| Tiphoogte | 77 meter |
| Aantal windturbines | 7 |
| Bouwjaar | 2018 |
| Afstand van de omwonende tot de windturbine(s) | circa 300 meter |
meer nieuws
‘Hernieuwbare energie’ is niet hernieuwbaar
Terwijl politici en media oproepen om de energietransitie te versnellen vanwege de huidige energiecrisis en geopolitieke spanningen, plaatst Roger Pielke Jr. kanttekeningen bij het dominante verhaal over ‘hernieuwbare energie’. De basis van wind-, zonne-energie en batterijen is namelijk fossiele brandstoffen. Volgens Pielke blijven deze technologieën sterk afhankelijk van fossiele energie en zware industrie — een inzicht dat van belang is voor het debat over realistisch energiebeleid.
Er ligt een enorme hoeveelheid energie in de Nederlandse ondergrond
We moeten zorgen voor voldoende betaalbare energie in allerlei vormen, vindt Rob de Vos. Dit kan onder meer door reactivatie van het Groninger aardgasveld. In Vlaanderen is men serieus aan het kijken of sommige recent gesloten mijnen niet heropend kunnen worden met behulp van nieuwe schachten. In Nederland is schachtbouw mogelijk in Zuid-Limburg, maar ook op de Peelhorst en in het Meinweggebied. Waarom niet eigenlijk?
China vergroot productie van brandstoffen uit steenkool
In dit artikel analyseert de Australische wetenschapsjournalist Jo Nova de snelle opkomst van China’s steenkool-naar-chemicaliën- en brandstoffenindustrie. Terwijl veel westerse landen inzetten op het uitfaseren van fossiele energie, bouwt China in stilte aan een grootschalige industrie die steenkool omzet in brandstoffen, kunststoffen en meststoffen. Dat roept fundamentele vragen op over energiezekerheid en het mondiale klimaatbeleid.







