Wat is er met die 28 miljard euro voor het klimaat gebeurd?
Het kabinet-Rutte IV – destijds vertegenwoordigd door klimaatminister Jetten – presenteerde in april 2023 een plan om een extra reductie van 22 megaton aan CO2-uitstoot te realiseren. De in het plan genoemde 28 miljard euro is een totaalbedrag dat uit het toenmalige Klimaatfonds en andere middelen werd gereserveerd voor ongeveer 120 klimaatmaatregelen tot en met 2030. De redactie van Indepen vroeg zich af; waaraan is dat geld besteed, hoeveel ervan werd tot dusver uitgegeven en waar is dat bedrag vandaan gehaald?
Waar zou al dat geld aan besteed moeten worden?
Er bestaat geen officiële tabel waarin staat waar die 28 miljard aan uitgegeven moet worden. Wel een aantal beleidsstukken waarin onderdelen van die verdeling in terug te vinden zijn. De belangrijkste daarvan zijn hier te vinden en bevatten een Kamerbrief van Jetten en een Excel sheet met de bedragen.
De oorspronkelijke stukken uit 2023 worden jaarlijks geactualiseerd in de zogeheten Vaststelling van de begrotingsstaat van het Klimaatfonds.
Samengevat komt het zo’n beetje op het volgende neer:
- verduurzaming industrie 7 tot 8 miljard euro
- elektriciteitsnet en energiesysteem 5 tot 6 miljard euro
- waterstof en nieuwe energie-infrastructuur 3 tot 4 miljard euro
- verduurzaming gebouwde omgeving (isolatie, warmtepompen) 2 tot 3 miljard euro
- stimulering elektrisch vervoer circa 2 miljard euro
- glastuinbouw en landbouw circa 2 miljard euro
- overige maatregelen (innovatie, CO2-opslag, uitvoeringskosten, enzovoort) 5 tot 6 miljard euro
Is die 28 miljard euro al uitgegeven?
Nee, die 28 miljard euro is een in 2023 gereserveerd budget dat over meerdere jaren wordt uitgesmeerd. Vele van de 120 projecten binnen dit initiatief moesten later nog worden uitgewerkt en door de Tweede Kamer worden goedgekeurd. Voor sommige onderdelen is ook nog Europese goedkeuring noodzakelijk.
De Algemene Rekenkamer tracht ieder jaar te ontcijferen hoeveel er per jaar van dit megaplan is uitgegeven en rapporteert daarover.
Die rapportages liegen er niet om en stellen – voor de zoveelste keer – vast dat de overheid niet met geld om kan gaan.
De Algemene Rekenkamer heeft meerdere keren opgemerkt dat het parlement nauwelijks kan beoordelen hoe klimaatgelden zich verhouden tot andere uitgaven, omdat de middelen chaotisch over veel begrotingen en fondsen zijn verspreid.
Ook wees de Rekenkamer op het belang van betere informatie over de doeltreffendheid en doelmatigheid van de uitgaven, zodat de Tweede Kamer de gemaakte keuzes kan controleren. Dat is nu vrijwel onmogelijk volgens de conclusies van de Rekenkamer.
90 procent van de klimaatuitgaven zijn onvindbaar
In dit BNR-artikel lezen we: “In sommige gevallen is 90 procent van bepaalde klimaatuitgaven in een overzicht niet te vinden in de betreffende begroting of jaarverslag.”
Doordat een duidelijke definitie van klimaatbeleid ontbreekt, hebben ministeries ‘de vrijheid om te bepalen welke maatregelen zij aandragen en welke uitgaven zij als klimaatuitgave beschouwen’.
Een zooitje, zo lijkt het. Zowel qua omschrijving van wat klimaatbeleid nou eigenlijk is, als de financiële verantwoording daarover.
In het Verantwoordingsonderzoek 2025 gaat de Rekenkamer nog een stap verder. Zij schrijft dat:
- het Klimaatfonds zelf vrijwel geen uitgaven doet;
- geld wordt overgeheveld naar andere ministeries;
- daardoor de financiële en beleidsmatige verantwoording versnipperd is;
- het “nauwelijks te volgen” is wat met de miljarden uiteindelijk is bereikt.
Is het Klimaatfonds een dekmantel voor een financiële beerput?
Naarmate we dieper in de materie duiken, wordt het Klimaatfonds steeds meer een bijzonder obscuur verhaal.
Het Klimaatfonds is een zogenoemd overhevelingsfonds. Dat betekent:
- geld wordt eerst in het Klimaatfonds gereserveerd;
- vervolgens overgeboekt naar andere ministeries waaronder:
- ministerie van Economische Zaken;
- ministerie van Infrastructuur en Waterstaat;
- ministerie van Volkshuisvesting en Ruimtelijke Ordening;
- ministerie van Landbouw, Visserij, Voedselzekerheid en Natuur;
- pas vanuit zo’n ministerie wordt het geld daadwerkelijk uitgegeven.
Maar waaraan?
Dat wordt maar niet duidelijk.
Het jaarverslag van het Klimaatfonds kent hoofdzakelijk nullen als getal
Volledigheidshalve doken we ook nog in het jaarverslag van het Klimaatfonds zelf. En dan wordt het pas echt bizar!
Het jaarverslag laat zien dat de uitgaven van het fonds zelf nihil zijn, omdat alleen de overheveling naar de verschillende ministeries wordt verantwoord. Wat er daarna met het geld gebeurt, weten we niet.
De tabellen uit het jaarverslag van het Klimaatfonds zien er daarom zo uit:
Is het parlement door financieel en politiek wanbeleid aan de kant gezet?
In dit jaarverslag van het ministerie van Financiën lezen we dat het ministerie aan de Eerste en Tweede Kamer om decharge heeft gevraagd voor het jaarverslag van het Klimaatfonds waarin eigenlijk niets staat, behalve nullen.
Beide Kamers verleenden de gevraagde decharge en dat is vreemd met zoveel kritiek van de Algemene Rekenkamer en een jaarverslag dat feitelijk niet de gewenste informatie bevat.
Uit de Kamerstukken blijkt dat er een behoorlijke discussie is gevoerd met toenmalig minister voor Klimaat en Energie Rob Jetten. Tijdens het debat over de Tijdelijke wet Klimaatfonds vroegen meerdere fracties hoe de Kamer grip houdt op miljarden die voor jaren vooruit worden gereserveerd.
Alle partijen behalve FVD, PVV en BBB steunden het fonds, maar wilden dat de Kamer jaarlijks invloed zou houden op de besteding van de middelen en niet slechts één keer bij de instelling van het fonds.
BBB, FVD en PVV betoogden dat een fonds van tientallen miljarden de normale begrotingscontrole zou uithollen en de mogelijkheid tot parlementaire controle ernstig beperkt.
Als je kijkt naar de vrij felle Kamerdebatten in 2023 bij de invoering van de Klimaatwet en je ziet wat de Rekenkamer in 2024 en 2025 voor conclusies over het financiële beheer van dit fonds heeft geschreven, kan de conclusie niet anders zijn dan dat de parlementaire democratie niet meer serieus genomen wordt door de politieke bestuurders in Nederland.
Wij vinden dit een gevaarlijke en onacceptabele ontwikkeling. Zeker nu de destijds verantwoordelijke minister voor dit dossier – Rob Jetten – momenteel als premier het land regeert.
Iemand met weinig gevoel voor financiële verantwoording en dito verhoudingen als premier kan heel schadelijk gaan uitpakken voor ons land.
Wat u zojuist heeft gelezen, kon worden gepubliceerd dankzij onze donateurs.
Clintel publiceert dagelijks artikelen over klimaat, energie en wetenschap. Daarnaast vertalen wij internationale analyses in meerdere talen, maken wij video’s, publiceren wij rapporten en organiseren wij bijeenkomsten en lezingen.
Wij ontvangen geen overheidssubsidies en zijn volledig afhankelijk van de steun van onze donateurs. Dankzij uw bijdrage kunnen wij onafhankelijk onderzoek en een open debat over klimaat en energie blijven bevorderen.
Steunt u ons werk? Kies wat bij u past:
• Word Vriend van Clintel – vanaf €100 per jaar
• Word Trouwe Vriend van Clintel – via een fiscaal aantrekkelijke periodieke gift
• Doe een eenmalige donatie – iedere bijdrage helpt
Hartelijk dank voor uw steun.
meer nieuws
Wie is schuldig aan het overvolle elektriciteitsnet?
De stroomuitval in en rond Tilburg heeft de discussie over de oorzaken van netcongestie opnieuw aangewakkerd. In onderstaand artikel gaat Rob de Vos in op de vraag waardoor het Nederlandse elektriciteitsnet overbelast raakt. Aan de hand van openbare cijfers bespreekt hij de ontwikkeling van het elektriciteitsverbruik en de elektriciteitsproductie.
Europa’s echte crisis is energiearmoede, niet een hittegolf
Terwijl Europa opnieuw een zomerse hittegolf beleeft, krijgt klimaatverandering wederom de schuld van de extreme temperaturen. In dit artikel betoogt Vijay Jayaraj dat de werkelijke crisis niet de hitte is, maar de energiearmoede die voortvloeit uit verkeerd klimaatbeleid. Hij legt uit hoe een natuurlijk weerpatroon, het zogenoemde Omega Block, de recente hittegolf veroorzaakte en waarom betaalbare, betrouwbare energie de meest effectieve bescherming blijft tegen extreem weer.
Klimaatalarmisme nog springlevend
Het klimaat-establishment maakt een ommezwaai van openlijk apocalyptisch denken naar wat je ‘niet-alarmistisch alarmisme’ zou kunnen noemen, aldus Tilak Doshi. Dit is een houding waarbij het in diskrediet geraakte scenario RCP8.5 formeel wel wordt afgezworen, maar alle beleid die door dat scenario werden ondersteund, intact blijft.







