Marcel Crok bij Holland Gold over eenzijdige klimaatberichtgeving en de macht van de groene lobby
In een uitgebreid gesprek bij Holland Gold bespreekt Clintel-directeur Marcel Crok het klimaatdebat, de desastreuze economische gevolgen van het Europese klimaatbeleid én de invloed van Amerikaanse miljardairs op de Europese klimaatlobby. Ook vertelt hij openhartig over de persoonlijke prijs die hij heeft betaald voor zijn kritische journalistieke werk.
Ruim twintig jaar geleden begon Marcel Crok als wetenschapsjournalist aan een onderzoek naar de beroemde ‘hockeystickgrafiek’ van het klimaatpanel IPCC. Wat begon als een journalistieke zoektocht groeide uit tot een levenswerk. Tegenwoordig is Crok directeur van Clintel, een internationale stichting die pleit voor een open wetenschappelijk debat over klimaatverandering en kritisch kijkt naar de onderbouwing van het huidige klimaatbeleid.
In een bijna anderhalf uur durende podcast van Holland Gold blikt Crok terug op die reis. Het gesprek gaat niet alleen over klimaatwetenschap, maar ook over journalistiek, media, censuur, economische gevolgen van de energietransitie en de invloed van miljardairs op het Europese klimaatbeleid.
Volgens Crok is de discussie over klimaat in de afgelopen twintig jaar ingrijpend veranderd. Toen hij zich in 2004 in het onderwerp begon te verdiepen, verwachtte hij dat wetenschappelijke meningsverschillen uiteindelijk via debat (onder wetenschappers en in de media) en nieuw onderzoek zouden worden opgelost.
Dat bleek een illusie.
Volgens hem bestaan er nog steeds belangrijke wetenschappelijke discussies over de rol van natuurlijke klimaatverandering, de klimaatgevoeligheid voor CO₂ en de betrouwbaarheid van klimaatmodellen. Toch worden die discussies nauwelijks gevoerd. Integendeel: wetenschappers die afwijken van het dominante verhaal worden volgens hem weggezet als “klimaatontkenners” of verdacht gemaakt vanwege vermeende banden met de fossiele industrie.
Dat raakt volgens Crok ook Clintel. Ondanks een relatief bescheiden budget, afkomstig van particuliere donateurs, is de stichting meerdere keren onderwerp geweest van uitgebreide onderzoeken naar vermeende fossiele financiering. Zelf noemt hij dat illustratief voor de huidige staat van het klimaatdebat.
Selectieve berichtgeving
Crok benadrukt in het interview dat hij niet ontkent dat de aarde warmer is geworden. Sinds ongeveer 1850, het einde van de Kleine IJstijd, is sprake van een duidelijke temperatuurstijging. Ook acht hij het aannemelijk dat de toegenomen CO₂-concentratie daarin een rol speelt.
Volgens hem is de echte wetenschappelijke discussie echter veel genuanceerder dan vaak wordt voorgesteld. Hoe groot is de bijdrage van CO₂ precies? Welke rol spelen natuurlijke factoren zoals oceaancycli en veranderingen in zonneactiviteit? En hoe betrouwbaar zijn klimaatmodellen bij het voorspellen van ontwikkelingen op de lange termijn? Juist over die vragen zou volgens Crok een open wetenschappelijk debat moeten plaatsvinden.
Een van de sterkste voorbeelden uit het gesprek gaat over de manier waarop extreem weer het nieuws haalt. Wanneer West-Europa wordt getroffen door een hittegolf, domineren dagenlang berichten over recordtemperaturen, droogte en klimaatverandering de voorpagina’s. Tegelijkertijd zal het dan in andere delen van de wereld kouder zijn dan normaal. Deze zomer is het bijvoorbeeld opvallend koud op de Noordpool. Dat haalt echter het nieuws niet.
Volgens Crok ontstaat daardoor een vertekend beeld. Niet omdat de hitte niet reëel is, maar omdat uitsluitend gebeurtenissen aandacht krijgen die passen binnen het bestaande klimaatnarratief. Was het zee-ijs op de Noordpool deze zomer sneller gesmolten dan normaal, dan zou dat vrijwel zeker uitgebreid zijn belicht.
Dat noemt hij een vorm van selectieve berichtgeving.
Ook bij orkanen ziet hij een groot verschil tussen publieke beeldvorming en de beschikbare gegevens. In het interview verwijst hij naar gegevens van meteoroloog Ryan Maue, waaruit volgens hem duidelijk geen toename blijkt van het aantal orkanen op aarde.
Ook de totale energie van tropische orkanen (ACE) laat volgens dezelfde gegevens geen stijgende trend zien.
Immuun
Waar volgens Crok veel minder aandacht voor bestaat, is de enorme vooruitgang die de mensheid heeft geboekt in het omgaan met extreem weer.
Dankzij betere infrastructuur, waarschuwingssystemen, medische zorg en hogere welvaart is het aantal slachtoffers wereldwijd spectaculair afgenomen.
Hij verwijst daarbij naar een grafiek van Bjørn Lomborg, gebaseerd op gegevens uit de internationale rampendatabase EM-DAT.
Sinds ongeveer 1920 is de mondiale sterfte door overstromingen, stormen, droogte en natuurbranden met ongeveer 97,5 procent afgenomen, ondanks de verviervoudiging van de wereldbevolking. Voor Crok onderstreept deze ontwikkeling dat adaptatie vaak veel effectiever is dan klimaatangst.
Bosbranden: het beeld klopt niet
Ook bosbranden worden volgens Crok vrijwel automatisch gekoppeld aan klimaatverandering.
Hij erkent dat klimaat regionaal invloed kan hebben op brandrisico’s, bijvoorbeeld in delen van Siberië of Canada. Maar wanneer naar de wereld als geheel wordt gekeken, ontstaat volgens hem een ander beeld.
Hij verwijst naar een grafiek van Bjørn Lomborg waaruit blijkt dat het aandeel van het mondiale landoppervlak dat jaarlijks afbrandt al meer dan een eeuw afneemt.
Volgens Crok laat dit zien dat ontwikkelingen vaak veel complexer zijn dan de simplistische nieuwskoppen suggereren.
Economische zelfmoord
In het tweede deel van het gesprek verschuift de aandacht naar het klimaatbeleid.
Volgens Crok is Europa nog verantwoordelijk voor ongeveer 6 procent van de mondiale CO₂-uitstoot. Tegelijkertijd voert juist Europa het meest ambitieuze klimaatbeleid ter wereld.
Zijn kritiek is dat de economische kosten daarvan steeds zichtbaarder worden, terwijl het effect op de wereldtemperatuur verwaarloosbaar blijft. Zolang de rest van de wereld een andere koers vaart kan Europa alleen het klimaat nooit ‘redden’, als dat al nodig zou zijn.
Hij wijst op stijgende energieprijzen, verlies aan industriële concurrentiekracht, netcongestie en een groeiende afhankelijkheid van geïmporteerde energie en grondstoffen. Volgens Crok dreigt Europa zichzelf economisch te verzwakken zonder het mondiale klimaat wezenlijk te beïnvloeden.
De onzichtbare macht van de European Climate Foundation
Een belangrijk onderdeel van het gesprek gaat over Croks recente onderzoek naar de European Climate Foundation (ECF), waarover hij eerder deze maand een uitgebreid artikel publiceerde op Clintel.
Volgens Crok ontvangt de in Den Haag gevestigde stichting jaarlijks honderden miljoenen euro’s van grote Amerikaanse fondsen en verdeelt zij dat geld onder honderden Europese organisaties die zich inzetten voor de Net Zero-doelstelling. Daaronder bevinden zich lobbyorganisaties, denktanks, onderzoeksinstituten en mediaplatforms.
Juist omdat zoveel invloed via één netwerk loopt, vindt Crok dat hier veel kritischer journalistiek onderzoek naar zou moeten worden gedaan. Hij wijst erop dat Clintel uitgebreid werd onderzocht door Follow the Money en KRO-Pointer op vermeende fossiele financiering, terwijl de veel grotere geldstromen richting en vanuit de European Climate Foundation volgens hem nauwelijks aandacht krijgen.
De persoonlijke prijs van een afwijkende mening
Misschien wel het meest indrukwekkende deel van het interview is Croks persoonlijke verhaal.
Hij vertelt dat hij jarenlang moeite had om nog opdrachten te krijgen bij reguliere media. Volgens hem wilden verschillende redacties vanwege zijn klimaatstandpunten niet langer met hem samenwerken, ook niet wanneer het onderwerp niets met klimaat te maken had.
“Mega, mega offers”, antwoordt hij wanneer hem wordt gevraagd wat zijn kritische houding hem heeft gekost. Hij vertelt dat hij financieel moeilijke jaren heeft gekend. Tegelijk zegt hij geen spijt te hebben. Voor hem was de reis zelf zeer fascinerend.
Wat u zojuist heeft gelezen, kon worden gepubliceerd dankzij onze donateurs.
Clintel publiceert dagelijks artikelen over klimaat, energie en wetenschap. Daarnaast vertalen wij internationale analyses in meerdere talen, maken wij video’s, publiceren wij rapporten en organiseren wij bijeenkomsten en lezingen.
Wij ontvangen geen overheidssubsidies en zijn volledig afhankelijk van de steun van onze donateurs. Dankzij uw bijdrage kunnen wij onafhankelijk onderzoek en een open debat over klimaat en energie blijven bevorderen.
Steunt u ons werk? Kies wat bij u past:
• Word Vriend van Clintel – vanaf €100 per jaar
• Word Trouwe Vriend van Clintel – via een fiscaal aantrekkelijke periodieke gift
• Doe een eenmalige donatie – iedere bijdrage helpt
Hartelijk dank voor uw steun.
meer nieuws
‘Hernieuwbare energie’ is niet hernieuwbaar
Terwijl politici en media oproepen om de energietransitie te versnellen vanwege de huidige energiecrisis en geopolitieke spanningen, plaatst Roger Pielke Jr. kanttekeningen bij het dominante verhaal over ‘hernieuwbare energie’. De basis van wind-, zonne-energie en batterijen is namelijk fossiele brandstoffen. Volgens Pielke blijven deze technologieën sterk afhankelijk van fossiele energie en zware industrie — een inzicht dat van belang is voor het debat over realistisch energiebeleid.
Er ligt een enorme hoeveelheid energie in de Nederlandse ondergrond
We moeten zorgen voor voldoende betaalbare energie in allerlei vormen, vindt Rob de Vos. Dit kan onder meer door reactivatie van het Groninger aardgasveld. In Vlaanderen is men serieus aan het kijken of sommige recent gesloten mijnen niet heropend kunnen worden met behulp van nieuwe schachten. In Nederland is schachtbouw mogelijk in Zuid-Limburg, maar ook op de Peelhorst en in het Meinweggebied. Waarom niet eigenlijk?
China vergroot productie van brandstoffen uit steenkool
In dit artikel analyseert de Australische wetenschapsjournalist Jo Nova de snelle opkomst van China’s steenkool-naar-chemicaliën- en brandstoffenindustrie. Terwijl veel westerse landen inzetten op het uitfaseren van fossiele energie, bouwt China in stilte aan een grootschalige industrie die steenkool omzet in brandstoffen, kunststoffen en meststoffen. Dat roept fundamentele vragen op over energiezekerheid en het mondiale klimaatbeleid.










